Zie je ineens een hard plekje onder de voet van je kind? Dan is ‘likdoorn’ misschien het eerste wat in je opkomt. Toch zit je daar bij kinderen verrassend vaak naast.
Een likdoorn en een voetwrat kunnen behoorlijk op elkaar lijken, zeker als er een laagje eelt overheen zit. Toch is het belangrijk om te weten waar je mee te maken hebt, want de aanpak verschilt. Podotherapeut Linda Ehrenhard van Podotherapie Reggestreek legt uit hoe je ze uit elkaar houdt en wat je vooral beter niet zelf kunt proberen.
Een likdoorn bij een kind komt niet vaak voor
Bij volwassenen zijn likdoorns allesbehalve zeldzaam. Bij kinderen ligt dat anders. “Een likdoorn ontstaat door langdurige druk of wrijving”, vertelt Ehrenhard. “Bijvoorbeeld doordat schoenen te klein of te smal zijn of doordat een teen anders staat en daardoor steeds ergens tegenaan drukt.” Toch ziet ze echte likdoorns bij kinderen maar weinig. “Bij kinderen komen likdoorns vrijwel nooit voor. Zie je een hard plekje onder een kindervoet, dan is het meestal een voetwrat.”
Zo’n voetwrat ontstaat door een virus, het humaan papillomavirus (HPV). Wratten zijn onschuldig en verdwijnen bij kinderen vaak vanzelf. Onder de voet kunnen ze alleen behoorlijk vervelend worden. Door het lichaamsgewicht wordt de wrat tijdens het staan en lopen naar binnen gedrukt, waardoor zo’n klein plekje soms verrassend veel pijn doet.
Zo ziet een likdoorn eruit
Een likdoorn zit bijna altijd op een plek waar steeds druk of wrijving ontstaat. “Denk aan de bovenkant van een teen, tussen twee tenen of onder een drukpunt van de voorvoet”, zegt ze. “Vaak zie je rondom het plekje ook wat eelt.” In het midden zit meestal een harde kern die naar binnen drukt en behoorlijk kan steken, vooral als je er recht op duwt. Vaak gaat het om één rond, duidelijk begrensd plekje met een harde of wat doorschijnende kern. De huidlijntjes lopen meestal gewoon door over het plekje heen.
Zo ziet een voetwrat eruit
Bij een wrat denk je misschien aan een duidelijk bobbeltje, maar een voetwrat ziet er vaak anders uit. Door het lichaamsgewicht wordt hij namelijk platter de huid in gedrukt, waardoor hij juist op eelt of een likdoorn kan lijken. “Bij een wrat worden de normale huidlijntjes onderbroken”, legt ze uit. “Soms zie je kleine donkere of roodachtige puntjes. Dat zijn kleine bloedvaatjes.”
Het plekje voelt vaak wat ruw of korrelig aan en soms zitten er meerdere wratjes bij elkaar. Ook kan een voetwrat gevoelig zijn als je vanaf de zijkanten drukt. En zit het plekje op een plek waar normaal gesproken weinig druk komt? Dan past dat ook eerder bij een wrat. Ga alleen niet zelf peuteren of snijden om te kijken of je die donkere puntjes kunt vinden. “En snijd het plekje niet thuis zelf open om dit te controleren”, waarschuwt Ehrenhard.
Knijpen of drukken: werkt die truc echt?
Misschien heb je de bekende test weleens gehoord: een likdoorn doet vooral pijn wanneer je er van bovenaf op drukt, terwijl een wrat gevoeliger zou zijn als je hem vanaf de zijkanten samenknijpt. Daar zit wel iets in, maar waterdicht is het niet. “Het onderscheid is niet altijd met het blote oog te maken”, zegt Ehrenhard. “Ook een wrat kan pijn doen bij druk van bovenaf, zeker als er een laag eelt overheen zit.” Zie die druktest dus hooguit als een aanwijzing. “Bij twijfel is het verstandig om het plekje te laten beoordelen.”
Niet meteen zelf met pleisters en middeltjes aan de slag
Denk je toch aan een likdoorn? Kijk dan eerst eens kritisch naar de schoenen van je kind. Is er genoeg ruimte bij de tenen? Zit er ergens een harde rand? Schuurt de schoen? “Bij een likdoorn wil je vooral weten waar die druk vandaan komt”, legt Ehrenhard uit. Als je die oorzaak wegneemt, kunnen de klachten verminderen en kan het plekje uiteindelijk verdwijnen.
Likdoornpleisters? Die kun je bij kinderen beter overslaan. “Wij raden ze altijd af”, zegt de podotherapeut. “Ze kunnen de gezonde huid beschadigen en pakken bovendien de oorzaak, namelijk druk of wrijving, niet aan. Je behandelt dan alleen het plekje zelf.” Ook een wrat hoef je niet automatisch te behandelen. Wratten verdwijnen bij kinderen vaak vanzelf. Volgens Thuisarts is ongeveer de helft binnen een jaar weg en zijn na twee jaar bij twee van de drie kinderen alle wratten verdwenen. Doet de wrat pijn of heeft je kind er last van tijdens het lopen, dan kun je langs de huisarts of podotherapeut om een eventuele behandeling te bespreken. “Gebruik bij twijfel ook niet zomaar een agressief wrattenmiddel”, zegt ze. Eerst weten wát je behandelt is wel zo handig.
Wanneer laat je ernaar kijken?
Twijfel je of het een wrat, likdoorn of toch iets anders is? Laat er dan liever even naar kijken. Zeker als:
Bij kinderen met diabetes, een verminderde afweer, problemen met de doorbloeding of een groter risico op voetwonden is extra voorzichtigheid belangrijk.
“Bij een likdoorn wil je niet alleen het plekje aanpakken, maar vooral uitzoeken waar de druk vandaan komt”, zegt Ehrenhard. “Anders is de kans groot dat hij terugkomt. Bij een wrat is behandelen juist lang niet altijd nodig.” Zie je dus een hard plekje onder de voet van je kind, ga dan niet automatisch uit van een likdoorn. Een voetwrat kan er verrassend veel op lijken, terwijl de aanpak anders is. Bij twijfel kun je er daarom beter even naar laten kijken dan zelf gaan smeren, plakken of snijden.
Heeft jouw kind weleens een wrat of likdoorn onder de voet gehad? En had je meteen door wat het was?
Wil jij graag jouw verhaal over je bevalling, baby, vruchtbaarheidstraject of iets anders delen op BabyBytes? Dat kan via dit formulier. Wie weet staat jouw verhaal binnenkort (anoniem) op de site!
Demi Schoenmakers is moeder en online redacteur voor onder andere BabyBytes, Libelle en Women's Health. Met een scherp oog en een luisterend oor zoekt ze naar verhalen die de lezer prikkelen. Of het nu gaat om gezondheid, lifestyle of opvoeding; ze probeert haar artikelen op een toegankelijke en boeiende manier over te brengen.
Reageer op dit artikel
reacties (0)