Luchthappen
Als je baby aan het drinken is, komt er vaak te veel lucht mee naar binnen. Dit kan komen door problemen in de coördinatie van ademhalen, zuigen en slikken. De baby heeft veel sneller een voller gevoel, het maagje is immers ook gevuld met lucht, en zal eerder stoppen met drinken. De lucht in het maagje en darmpjes gaan bubbeltjes en gas vormen, hierdoor kan de baby krampen en buikpijn krijgen. Probeer de speen goed vol met melk te houden en laat het mondje de speen (of tepel ) op de juiste manier in de mond nemen. Je kunt je baby ook tussendoor wat vaker laten boeren, zo kan er flink wat lucht worden afgevoerd. Als er grote luchtbellen uit het maagje ontsnappen, komt er vaak een golfje voeding mee.
Boer-techniekjes
Je kindje kan na het drinken spontaan het “verlossende” boertje geven, maar er zijn ook een paar houdingen om het boeren te stimuleren. Je merkt snel genoeg, welke houding het prettigst werkt bij jouw kindje. Zorg alvast voor een slabbetje binnen handbereik, voor het geval dat je kindje een beetje melk terug geeft.
- De meest voorkomende houding die wordt gebruikt voor het boeren is de baby tegen je borstkas te houden, terwijl jij rechtop zit. Het kinnetje van je baby rust dan op jouw schouder. Je gebruikt de ene hand om het hoofdje te ondersteunen, terwijl je met de andere hand zachtjes op het ruggetje klopt. Je kunt ook onder de billen kloppen (dit laatste werkt voor veel baby’s vaak ook rustgevend).
- Een andere houding is om je baby op je been te laten zitten, met het gezichtje van je af. Met de ene hand houdt je je kindje tegen en zorg je dat het niet van schoot kan vallen, met de andere klop je weer zachtjes op het ruggetje.
- Je kunt de baby ook op het buikje bij je op schoot leggen en zo zachtjes op het ruggetje kloppen. Zorg er wel voor, dat het hoofdje wat hoger ligt dan de rest van het lichaam.